Mattheüs 17:14
“En toen zij bij de menigte kwamen, naderde Hem een zeker man die voor Hem neerknielde en zeide:”
Kruisverwijzingen
Context
Mattheüs 17 — omringende verzen
En toen zij van de berg afdaalden, gebood Jezus hun, zeggende: Vertelt dit gezicht aan niemand, totdat de Zoon des mensen uit de doden is opgewekt.
10En Zijn discipelen vroegen Hem: Waarom zeggen de schriftgeleerden dan dat Elia eerst moet komen?
11En Jezus antwoordde en zeide tot hen: Elia zal inderdaad eerst komen en alle dingen herstellen.
12Maar Ik zeg u dat Elia reeds gekomen is, en zij hebben hem niet erkend, maar met hem gedaan al wat zij wilden. Zo zal ook de Zoon des mensen door hen lijden.
13Toen begrepen de discipelen dat Hij tot hen gesproken had van Johannes de Doper.
En toen zij bij de menigte kwamen, naderde Hem een zeker man die voor Hem neerknielde en zeide:
Heer, ontferm U over mijn zoon, want hij is maanziek en heeft veel te lijden, want dikwijls valt hij in het vuur en dikwijls in het water.
16En ik heb hem bij Uw discipelen gebracht, maar zij konden hem niet genezen.
17Toen antwoordde Jezus en zeide: O ongelovig en verkeerd geslacht, hoe lang zal Ik bij u zijn? Hoe lang zal Ik u verdragen? Brengt hem hier tot Mij.
18En Jezus bestrafte de duivel, en die ging van hem uit, en het kind was van dat uur af genezen.
19Toen kwamen de discipelen bij Jezus, alleen, en zeiden: Waarom konden wij hem niet uitdrijven?