Mattheüs 23:31
“Zo getuigt gij dan tegen uzelf, dat gij kinderen zijt van hen die de profeten gedood hebben.”
Kruisverwijzingen
Context
Mattheüs 23 — omringende verzen
Blinde Farizeeër, reinig eerst de binnenkant van de beker en de schotel, opdat ook de buitenkant ervan rein zij.
27Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars! want gij lijkt op gewitte graven, die van buiten wel schoon schijnen, maar van binnen vol zijn van doodsbeenderen en allerlei onreinheid.
28Zo lijkt ook gij van buiten wel rechtvaardig voor de mensen, maar van binnen zijt gij vol huichelarij en ongerechtigheid.
29Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars! want gij bouwt de graven van de profeten en versiert de gedenkstenen van de rechtvaardigen,
30En gij zegt: Als wij in de dagen van onze vaderen geleefd hadden, zouden wij geen deelgenoten met hen geweest zijn in het bloed van de profeten.
Zo getuigt gij dan tegen uzelf, dat gij kinderen zijt van hen die de profeten gedood hebben.
Maakt dan de maat van uw vaderen vol.
33Slangen, adderengebroed, hoe zult gij ontkomen aan het oordeel van de hel?
34Daarom, zie, Ik zend tot u profeten en wijzen en schriftgeleerden; en van hen zult gij sommigen doden en kruisigen, en sommigen van hen zult gij geselen in uw synagogen, en hen vervolgen van stad tot stad;
35Opdat op u kome al het rechtvaardige bloed dat vergoten is op de aarde, van het bloed van de rechtvaardige Abel tot het bloed van Zacharia, de zoon van Berechja, die gij gedood hebt tussen de tempel en het altaar.
36Voorwaar, Ik zeg u: Al deze dingen zullen komen over dit geslacht.