Mattheüs 7:25
“En de regen daalde neer, en de stromen kwamen, en de winden waaiden en sloegen tegen dat huis, en het viel niet, want het was op de rots gegrondvest.”
Kruisverwijzingen
Context
Mattheüs 7 — omringende verzen
Daarom zult u hen aan hun vruchten kennen.
21Niet ieder die tot Mij zegt: Heer, Heer, zal binnengaan in het Koninkrijk der hemelen, maar hij die de wil doet van Mijn Vader Die in de hemel is.
22Velen zullen in die dag tot Mij zeggen: Heer, Heer, hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam duivelen uitgeworpen, en in Uw Naam vele krachten gedaan?
23En dan zal Ik hun openlijk zeggen: Ik heb u nooit gekend; ga weg van Mij, u die de ongerechtigheid werkt.
24Daarom, een ieder die deze Mijn woorden hoort en ze doet, die zal Ik vergelijken met een wijs man die zijn huis op de rots bouwde.
En de regen daalde neer, en de stromen kwamen, en de winden waaiden en sloegen tegen dat huis, en het viel niet, want het was op de rots gegrondvest.
En een ieder die deze Mijn woorden hoort en ze niet doet, zal vergeleken worden met een dwaas man die zijn huis op het zand bouwde.
27En de regen daalde neer, en de stromen kwamen, en de winden waaiden en sloegen tegen dat huis, en het viel, en groot was de val ervan.
28En het geschiedde, toen Jezus deze woorden geëindigd had, dat de scharen versteld stonden over Zijn leer,
29want Hij leerde hen als Iemand Die macht heeft, en niet als de schriftgeleerden.