Numeri 1:14
“Van Gad, Eljasaf, de zoon van Deüel.”
Kruisverwijzingen
Context
Numeri 1 — omringende verzen
Van Zebulon, Eliab, de zoon van Helon.
10Van de kinderen van Jozef: van Efraïm, Elisama, de zoon van Ammihud; van Manasse, Gamaliël, de zoon van Pedazur.
11Van Benjamin, Abidan, de zoon van Gideoni.
12Van Dan, Ahiëzer, de zoon van Ammisaddai.
13Van Aser, Pagiël, de zoon van Ochran.
Van Gad, Eljasaf, de zoon van Deüel.
Van Naftali, Ahira, de zoon van Enan.
16Dezen waren de geroepenen van de vergadering, de vorsten van de stammen van hun vaderen, de hoofden van de duizenden van Israël.
17En Mozes en Aäron namen deze mannen, die met name genoemd waren,
18En zij verzamelden de gehele vergadering op de eerste dag van de tweede maand, en zij stelden hun afkomst vast naar hun geslachten, naar het huis van hun vaderen, volgens het getal van de namen, van twintig jaar oud en daarboven, hoofd voor hoofd.
19Zoals de HEER Mozes geboden had, zo telde hij hen in de woestijn van Sinaï.