Numeri 1:3
“Van twintig jaar oud en daarboven, allen die in staat zijn ten strijde uit te trekken in Israël: gij en Aäron zult hen tellen naar hun legerscharen.”
Kruisverwijzingen
Context
Numeri 1 — omringende verzen
En de HEER sprak tot Mozes in de woestijn van Sinaï, in de tent der samenkomst, op de eerste dag van de tweede maand, in het tweede jaar nadat zij uit het land Egypte getrokken waren, zeggende:
2Neem de som op van de gehele vergadering der kinderen Israëls, naar hun geslachten, naar het huis van hun vaderen, met het getal van de namen, al wat mannelijk is, hoofd voor hoofd;
Van twintig jaar oud en daarboven, allen die in staat zijn ten strijde uit te trekken in Israël: gij en Aäron zult hen tellen naar hun legerscharen.
En bij u zullen zijn van iedere stam één man; ieder een hoofd van het huis van zijn vaderen.
5En dit zijn de namen van de mannen die bij u zullen staan: van de stam Ruben, Elizur, de zoon van Sedeur.
6Van Simeon, Selumiël, de zoon van Zurisaddai.
7Van Juda, Nahesson, de zoon van Amminadab.
8Van Issaschar, Nethaneël, de zoon van Zuar.