Terug naar Numeri 14
VSV
Statenvertaling

Numeri 14:20

En de HEER zei: Ik heb vergeven naar uw woord;

Kruisverwijzingen

Context

Numeri 14 — omringende verzen

15

Nu, indien Gij dit gehele volk als één man doodt, dan zullen de volken die Uw faam gehoord hebben, zeggen:

16

Omdat de HEER dit volk niet kon brengen in het land dat Hij hun gezworen had, heeft Hij hen in de woestijn gedood.

17

En nu, bid ik U, laat de kracht van mijn Heer groot zijn, zoals Gij gesproken hebt en gezegd hebt:

18

De HEER is lankmoedig en groot van goedertierenheid, vergevend ongerechtigheid en overtreding, en die de schuldige geenszins onschuldig houdt, de ongerechtigheid der vaderen bezoekende aan de kinderen tot het derde en vierde geslacht.

19

Vergeef toch de ongerechtigheid van dit volk naar de grootheid van Uw goedertierenheid, en gelijk Gij dit volk vergeven hebt van Egypte af tot nu toe.

20

En de HEER zei: Ik heb vergeven naar uw woord;

21

maar zo waarlijk als Ik leef, de gehele aarde zal vervuld worden met de heerlijkheid van de HEER.

22

Want al die mannen die Mijn heerlijkheid gezien hebben en Mijn wonderen, die Ik in Egypte en in de woestijn gedaan heb, en die Mij nu tienmaal verzocht hebben en naar Mijn stem niet geluisterd hebben;

23

zij zullen het land niet zien dat Ik hun vaderen gezworen heb, en geen van hen die Mij getergd hebben, zal het zien;

24

maar Mijn knecht Kaleb, omdat hij een andere geest in hem had en Mij volkomen nagevolgd heeft, hem zal Ik brengen in het land waarheen hij gegaan is, en zijn nageslacht zal het erfelijk bezitten.

25

(Nu woonden de Amalekieten en de Kanaänieten in het dal.) Morgen keert u om en trekt de woestijn in, langs de weg naar de Rode Zee.