Terug naar Numeri 15
VSV
Statenvertaling

Numeri 15:26

En de gehele gemeente der kinderen van Israël zal vergeven worden, en ook de vreemdeling die in hun midden vertoeft; want het gehele volk handelde in onwetendheid.

Kruisverwijzingen

Context

Numeri 15 — omringende verzen

21

Van de eerstelingen van uw deeg zult u de HEER een hefoffer geven in uw geslachten.

22

En wanneer u gedwaald hebt en niet al deze geboden onderhouden hebt, die de HEER tot Mozes gesproken heeft,

23

Alles wat de HEER u geboden heeft door de hand van Mozes, van de dag af dat de HEER het Mozes gebood en voortaan in uw geslachten;

24

Dan zal het zo zijn, indien er iets gedaan is uit onwetendheid, buiten het weten van de gemeente, dat de gehele gemeente één jonge stier als brandoffer zal offeren, als een lieflijke reuk voor de HEER, met zijn spijsoffer en zijn plengoffer, naar het voorschrift, en één bok van de geiten als zondoffer.

25

En de priester zal verzoening doen voor de gehele gemeente der kinderen van Israël, en het zal hun vergeven worden; want het was onwetendheid: en zij zullen hun offer brengen, een vuuroffer aan de HEER, en hun zondoffer voor het aangezicht van de HEER, vanwege hun onwetendheid.

26

En de gehele gemeente der kinderen van Israël zal vergeven worden, en ook de vreemdeling die in hun midden vertoeft; want het gehele volk handelde in onwetendheid.

27

En indien enige ziel zondigt uit onwetendheid, dan zal zij een geit van het eerste jaar brengen als zondoffer.

28

En de priester zal verzoening doen voor de ziel die uit onwetendheid gezondigd heeft, wanneer zij door onwetendheid zondigt voor het aangezicht van de HEER, om voor haar verzoening te doen; en het zal haar vergeven worden.

29

U zult één wet hebben voor hem die uit onwetendheid zondigt, zowel voor hem die geboren is onder de kinderen van Israël als voor de vreemdeling die onder hen vertoeft.

30

Maar de ziel die iets aanmatigend doet, hetzij hij in het land geboren is of een vreemdeling, die smaadt de HEER; en die ziel zal uitgeroeid worden uit zijn volk.

31

Omdat hij het woord van de HEER veracht en Zijn gebod gebroken heeft, zal die ziel volkomen uitgeroeid worden; haar ongerechtigheid zal op haar zijn.