Numeri 2:1
“En de HEER sprak tot Mozes en tot Aäron, zeggende:”
Kruisverwijzingen
Context
Numeri 2 — omringende verzen
En de HEER sprak tot Mozes en tot Aäron, zeggende:
Iedere man van de kinderen Israëls zal zich legeren bij zijn eigen banier, bij de tekenen van het huis van hun vaderen; tegenover de tent der samenkomst rondom zullen zij zich legeren.
3En aan de oostzijde, tegen de opgang der zon, zullen zij zich legeren die behoren tot de banier van het leger van Juda, naar hun legerscharen; en Nahesson, de zoon van Amminadab, zal de aanvoerder zijn van de kinderen van Juda.
4En zijn leger en hun getelden waren vierenzeventigduizend zeshonderd.
5En zij die zich naast hem legeren, zullen de stam Issaschar zijn; en Nethaneël, de zoon van Zuar, zal de aanvoerder zijn van de kinderen van Issaschar.
6En zijn leger en hun getelden waren vierenvijftigduizend vierhonderd.