Numeri 2:16
“Allen die geteld werden in het kamp van Ruben waren honderdéénenvijftigduizend en vierhonderd en vijftig, naar hun legers. Zij zullen als tweeden optrekken.”
Kruisverwijzingen
Context
Numeri 2 — omringende verzen
En zijn leger, en zij die daarin geteld werden, waren zesenveertigduizend en vijfhonderd.
12En zij die naast hem hun tenten opslaan, zullen zijn de stam Simeon; en de aanvoerder over de kinderen van Simeon zal Selumiel zijn, de zoon van Zurisaddai.
13En zijn leger, en zij die daarin geteld werden, waren negenenvijftigduizend en driehonderd.
14Dan de stam Gad; en de aanvoerder over de zonen van Gad zal Eliasaf zijn, de zoon van Reüel.
15En zijn leger, en zij die daarin geteld werden, waren vijfenveertigduizend en zeshonderd en vijftig.
Allen die geteld werden in het kamp van Ruben waren honderdéénenvijftigduizend en vierhonderd en vijftig, naar hun legers. Zij zullen als tweeden optrekken.
Dan zal de tent der samenkomst optrekken met het kamp der Levieten, temidden van de kampen; zoals zij gelegerd zijn, zo zullen zij optrekken, ieder op zijn plaats, bij hun vaandels.
18Aan de westzijde zal het vaandel zijn van het kamp van Efraïm, naar hun legers; en de aanvoerder over de zonen van Efraïm zal Elisama zijn, de zoon van Ammihud.
19En zijn leger, en zij die daarin geteld werden, waren veertigduizend en vijfhonderd.
20En naast hem de stam Manasse; en de aanvoerder over de kinderen van Manasse zal Gamaliël zijn, de zoon van Pedahzur.
21En zijn leger, en zij die daarin geteld werden, waren tweeëndertigduizend en tweehonderd.