Numeri 4:28
“Dit is de dienst der families der zonen van Gerson in de tent der samenkomst; en hun bewaking zal zijn onder het toezicht van Ithamar, de zoon van Aäron de priester.”
Kruisverwijzingen
Context
Numeri 4 — omringende verzen
Van dertig jaar oud en daarboven tot vijftig jaar oud zult gij hen tellen; allen die ingaan om de dienst te verrichten, om het werk te doen in de tent der samenkomst.
24Dit is de dienst der families der Gersonieten, in het dienen en in het dragen:
25En zij zullen de gordijnen van de tabernakel dragen, en de tent der samenkomst, haar deksel en het deksel van dassenvellen dat daarboven op is, en het voorhangsel voor de ingang van de tent der samenkomst,
26En de gordijnen van de voorhof, en het voorhangsel voor de ingang van de poort van de voorhof, dat bij de tabernakel en bij het altaar rondom is, en hun touwen, en al het gereedschap van hun dienst, en alles wat daarvoor gemaakt is: zo zullen zij dienen.
27Op bevel van Aäron en zijn zonen zal geheel de dienst der zonen der Gersonieten zijn, in al hun lasten en in al hun dienst; en gij zult hun als bewaking al hun lasten aanwijzen.
Dit is de dienst der families der zonen van Gerson in de tent der samenkomst; en hun bewaking zal zijn onder het toezicht van Ithamar, de zoon van Aäron de priester.
Wat de zonen van Merari betreft, gij zult hen tellen naar hun families, naar het huis hunner vaderen;
30Van dertig jaar oud en daarboven tot vijftig jaar oud zult gij hen tellen, een ieder die in de dienst ingaat, om het werk van de tent der samenkomst te doen.
31En dit is de taak van hun last, naar al hun dienst in de tent der samenkomst: de planken van de tabernakel, en zijn stangen, en zijn pilaren, en zijn voetstukken,
32En de pilaren van de voorhof rondom, en hun voetstukken, en hun pinnen, en hun touwen, met al hun gereedschap en met al hun dienst; en bij name zult gij het gereedschap van de taak hunner last aanwijzen.
33Dit is de dienst der families der zonen van Merari, naar al hun dienst, in de tent der samenkomst, onder het toezicht van Ithamar, de zoon van Aäron de priester.