Terug naar Numeri 9
VSV
Statenvertaling

Numeri 9:15

En op de dag dat de tabernakel werd opgericht, bedekte de wolk de tabernakel, namelijk de tent der getuigenis; en in de avond was er boven de tabernakel als het ware een gedaante van vuur, tot de morgen toe.

Kruisverwijzingen

Context

Numeri 9 — omringende verzen

10

Spreek tot de kinderen Israëls, zeggende: Indien iemand van u of van uw nakomelingen onrein is door een dode, of op een verre reis is, hij zal evenwel het pascha voor de HEER houden.

11

Op de veertiende dag van de tweede maand, in de avond, zullen zij het houden, en het eten met ongezuurde broden en bittere kruiden.

12

Zij zullen er niets van overlaten tot de morgen, noch een been ervan breken; overeenkomstig al de inzettingen van het pascha zullen zij het houden.

13

Maar de man die rein is en niet op reis, en nalaat het pascha te houden, die ziel zal uit haar volk worden uitgeroeid; want hij heeft het offer van de HEER niet gebracht op zijn vastgestelde tijd — die man zal zijn zonde dragen.

14

En indien een vreemdeling bij u vertoeft en het pascha voor de HEER wil houden, naar de inzetting van het pascha en naar de bepaling daarvan, zo zal hij het doen; één inzetting zult gij hebben, zowel voor de vreemdeling als voor hem die in het land geboren is.

15

En op de dag dat de tabernakel werd opgericht, bedekte de wolk de tabernakel, namelijk de tent der getuigenis; en in de avond was er boven de tabernakel als het ware een gedaante van vuur, tot de morgen toe.

16

Zo was het altijd: de wolk bedekte hem overdag, en de gedaante van vuur in de nacht.

17

En wanneer de wolk van de tabernakel werd opgenomen, braken de kinderen Israëls op; en op de plaats waar de wolk bleef rusten, daar sloegen de kinderen Israëls hun tenten op.

18

Op het bevel van de HEER braken de kinderen Israëls op, en op het bevel van de HEER sloegen zij de legerplaats op; zolang de wolk op de tabernakel bleef rusten, rustten zij in hun tenten.

19

En wanneer de wolk vele dagen lang op de tabernakel bleef, bewaarden de kinderen Israëls de wacht van de HEER en braken niet op.

20

En zo was het, wanneer de wolk slechts enkele dagen op de tabernakel bleef; op het bevel van de HEER bleven zij in hun tenten, en op het bevel van de HEER braken zij op.