Terug naar Openbaring 11
VSV
Statenvertaling

Openbaring 11:5

En als iemand hen wil beschadigen, komt er vuur uit hun mond en verteert hun vijanden; en als iemand hen wil beschadigen, moet hij op deze wijze gedood worden.

Kruisverwijzingen

Context

Openbaring 11 — omringende verzen

1

En mij werd een riet gegeven als een meetstok; en de engel stond en zeide: Sta op en meet de tempel van God, en het altaar, en hen die daarin aanbidden.

2

Maar de voorhof die buiten de tempel is, laat die buiten en meet die niet; want hij is aan de heidenen gegeven; en zij zullen de heilige stad vertreden tweeënveertig maanden lang.

3

En Ik zal Mijn twee getuigen macht geven, en zij zullen twaalfhonderd zestig dagen lang profeteren, gekleed in rouwgewaden.

4

Dezen zijn de twee olijfbomen en de twee kandelaren die voor de God der aarde staan.

5

En als iemand hen wil beschadigen, komt er vuur uit hun mond en verteert hun vijanden; en als iemand hen wil beschadigen, moet hij op deze wijze gedood worden.

6

Dezen hebben de macht de hemel te sluiten, opdat er geen regen valle in de dagen van hun profetie; en zij hebben macht over de wateren om die in bloed te veranderen, en de aarde te slaan met allerlei plagen, zo dikwijls als zij willen.

7

En wanneer zij hun getuigenis zullen hebben volbracht, zal het beest dat uit de afgrond opklimt, oorlog tegen hen voeren, en hen overwinnen en doden.

8

En hun dode lichamen zullen liggen op de straat van de grote stad, die geestelijk genaamd wordt Sodom en Egypte, waar ook onze Heer gekruisigd werd.

9

En mensen uit de volken en stammen en talen en natiën zullen hun dode lichamen drie en een halve dag aanschouwen, en zij zullen niet toestaan dat hun dode lichamen in graven gelegd worden.

10

En zij die op de aarde wonen, zullen zich over hen verblijden en vrolijk zijn, en zullen elkander geschenken zenden; want deze twee profeten hebben hen die op de aarde wonen, gekweld.