Openbaring 12:15
“En de slang spuwde water als een rivier uit zijn mond achter de vrouw aan, opdat hij haar door de rivier zou meesleuren.”
Kruisverwijzingen
Context
Openbaring 12 — omringende verzen
En ik hoorde een luide stem zeggen in de hemel: Nu is de zaligheid en de kracht en het koninkrijk van onze God gekomen, en de macht van Zijn Christus; want de aanklager van onze broeders is neergeworpen, die hen dag en nacht aanklaagde voor onze God.
11En zij hebben hem overwonnen door het bloed van het Lam en door het woord van hun getuigenis; en zij hebben hun leven niet liefgehad tot de dood toe.
12Verheug u daarom, gij hemelen, en gij die daarin woont. Wee de bewoners van de aarde en van de zee! want de duivel is tot u neergedaald met grote toorn, omdat hij weet dat hij nog maar een korte tijd heeft.
13En toen de draak zag dat hij op de aarde geworpen was, vervolgde hij de vrouw die het mannelijke kind gebaard had.
14En aan de vrouw werden twee vleugels van de grote arend gegeven, opdat zij naar de woestijn zou vliegen, naar haar plaats, waar zij gevoed wordt een tijd en tijden en een halve tijd, buiten het gezicht van de slang.
En de slang spuwde water als een rivier uit zijn mond achter de vrouw aan, opdat hij haar door de rivier zou meesleuren.
En de aarde hielp de vrouw, en de aarde opende haar mond en slokte de rivier op die de draak uit zijn mond had gespuwd.
17En de draak was toornig op de vrouw en ging heen om oorlog te voeren tegen de overigen van haar nageslacht, die de geboden van God onderhouden en het getuigenis van Jezus Christus bewaren.