Terug naar Openbaring 16
VSV
Statenvertaling

Openbaring 16:11

En zij lasterden de God des hemels vanwege hun pijn en hun zweren, en bekeerden zich niet van hun werken.

Kruisverwijzingen

Context

Openbaring 16 — omringende verzen

6

Want zij hebben het bloed van heiligen en profeten vergoten, en U hebt hun bloed te drinken gegeven, want zij zijn het waard.

7

En ik hoorde een ander uit het altaar zeggen: Ja zeker, Heer God, Almachtige, waarachtig en rechtvaardig zijn Uw oordelen.

8

En de vierde engel goot zijn fiool uit op de zon, en hem werd macht gegeven om de mensen te verschroeien met vuur.

9

En de mensen werden verschroeid door grote hitte, en zij lasterden de Naam van God, Die macht heeft over deze plagen, en zij bekeerden zich niet om Hem eer te geven.

10

En de vijfde engel goot zijn fiool uit op de troon van het beest, en zijn koninkrijk werd verduisterd, en zij knarstten op hun tongen vanwege de pijn.

11

En zij lasterden de God des hemels vanwege hun pijn en hun zweren, en bekeerden zich niet van hun werken.

12

En de zesde engel goot zijn fiool uit op de grote rivier de Eufraat, en het water daarvan droogde op, opdat de weg bereid zou worden voor de koningen van het oosten.

13

En ik zag uit de mond van de draak en uit de mond van het beest en uit de mond van de valse profeet drie onreine geesten komen, als kikvorsen.

14

Want het zijn geesten van duivels, die tekenen doen en uitgaan naar de koningen van de aarde en van de gehele wereld, om hen te vergaderen tot de strijd van die grote dag van God, de Almachtige.

15

Zie, Ik kom als een dief. Zalig is hij die waakt en zijn klederen bewaart, opdat hij niet naakt wandele en men zijn schaamte niet zie.

16

En hij vergaderde hen op de plaats die in het Hebreeuws genoemd wordt Armageddon.