Prediker 6:8
“Want wat heeft de wijze meer dan de dwaas? Wat heeft de arme, die weet te wandelen voor de levenden?”
Kruisverwijzingen
Context
Prediker 6 — omringende verzen
Als een man honderd kinderen verwekt en vele jaren leeft, zodat de dagen van zijn jaren vele zijn, maar zijn ziel niet verzadigd wordt van het goede, en hij ook geen begrafenis heeft; ik zeg dat een misdracht beter is dan hij.
4Want hij komt in ijdelheid en vertrekt in duisternis, en zijn naam wordt met duisternis bedekt.
5Bovendien heeft hij de zon niet gezien en niets gekend; hij heeft meer rust dan de ander.
6Ja, al leefde hij duizend jaar tweemaal, maar hij zag geen goed; gaan niet allen naar één plaats?
7Al de arbeid van de mens is voor zijn mond, en toch wordt de begeerte niet vervuld.
Want wat heeft de wijze meer dan de dwaas? Wat heeft de arme, die weet te wandelen voor de levenden?
Beter is het zien van de ogen dan het dwalen van de begeerte; dit is ook ijdelheid en kwelling des geestes.
10Wat geweest is, is reeds benoemd, en het is bekend dat het de mens is; hij kan niet twisten met hem die machtiger is dan hij.
11Omdat er veel dingen zijn die de ijdelheid vermeerderen, wat baat de mens dan meer?
12Want wie weet wat goed is voor de mens in dit leven, al de dagen van zijn ijdel leven die hij doorbrengt als een schaduw? Want wie kan de mens vertellen wat na hem zijn zal onder de zon?