Psalmen 104:16
“De bomen des HEREN zijn vol sap, de ceders van de Libanon die Hij geplant heeft,”
Kruisverwijzingen
Context
Psalmen 104 — omringende verzen
Zij laven al het gedierte des velds; de wilde ezels lessen hun dorst.
12Daarbij wonen de vogelen des hemels; zij heffen hun stem op tussen de takken.
13Hij drenkt de bergen vanuit Zijn opperzalen; de aarde wordt verzadigd van de vrucht van Uw werken.
14Hij doet het gras groeien voor het vee, en het kruid ten dienste van de mens, opdat hij voedsel uit de aarde voortbrenge,
15en wijn die het hart des mensen verheugt, olie om zijn aangezicht te doen glanzen, en brood dat het hart des mensen versterkt.
De bomen des HEREN zijn vol sap, de ceders van de Libanon die Hij geplant heeft,
waar de vogels nestelen; wat de ooievaar betreft, de dennenbomen zijn haar huis.
18De hoge bergen zijn voor de wilde geiten, de rotsen een schuilplaats voor de klipdasen.
19Hij heeft de maan gemaakt voor de getijden; de zon kent haar ondergang.
20U maakt duisternis, en het wordt nacht, waarin al het gedierte des wouds rondkruipt.
21De jonge leeuwen brullen naar hun prooi en zoeken hun voedsel van God.