VSV
StatenvertalingPsalmen 135:19
“Looft de HEER, o huis van Israël; looft de HEER, o huis van Aäron;”
Kruisverwijzingen
Context
Psalmen 135 — omringende verzen
14
Want de HEER zal recht doen aan Zijn volk, en Hij zal Zich over Zijn knechten ontfermen.
15De afgoden van de heidenen zijn zilver en goud, het werk van mensenhanden.
16Zij hebben een mond, maar spreken niet; ogen hebben zij, maar zien niet;
17Zij hebben oren, maar horen niet; ook is er geen adem in hun mond.
18Die hen maken, zijn hun gelijk; zo is ieder die op hen vertrouwt.
19
20Looft de HEER, o huis van Israël; looft de HEER, o huis van Aäron;
Looft de HEER, o huis van Levi; gij die de HEER vreest, looft de HEER.
21Geloofd zij de HEER uit Sion, Die te Jeruzalem woont. Prijs de HEER.