Psalmen 136:11
“En Israël uit hun midden uitleidde; want Zijn goedertierenheid is voor eeuwig;”
Kruisverwijzingen
Context
Psalmen 136 — omringende verzen
Hem die de aarde boven de wateren heeft uitgespreid; want Zijn goedertierenheid is voor eeuwig.
7Hem die grote lichten heeft gemaakt; want Zijn goedertierenheid is voor eeuwig;
8De zon om de dag te regeren; want Zijn goedertierenheid is voor eeuwig;
9De maan en de sterren om de nacht te regeren; want Zijn goedertierenheid is voor eeuwig.
10Hem die Egypte sloeg in hun eerstgeborenen; want Zijn goedertierenheid is voor eeuwig;
En Israël uit hun midden uitleidde; want Zijn goedertierenheid is voor eeuwig;
Met een sterke hand en met een uitgestrekte arm; want Zijn goedertierenheid is voor eeuwig.
13Hem die de Rode Zee in delen spleet; want Zijn goedertierenheid is voor eeuwig;
14En Israël er dwars doorheen leidde; want Zijn goedertierenheid is voor eeuwig;
15Maar Faraö en zijn leger in de Rode Zee wierp; want Zijn goedertierenheid is voor eeuwig.
16Hem die Zijn volk door de woestijn leidde; want Zijn goedertierenheid is voor eeuwig.