VSV
StatenvertalingPsalmen 22:1
“Mijn God, mijn God, waarom hebt U mij verlaten? Waarom zijt U zo ver van mijn verlossing, van de woorden van mijn jammerklacht?”
Kruisverwijzingen
Context
Psalmen 22 — omringende verzen
1
2Mijn God, mijn God, waarom hebt U mij verlaten? Waarom zijt U zo ver van mijn verlossing, van de woorden van mijn jammerklacht?
O mijn God, ik roep overdag, maar U antwoordt niet; en des nachts, en ik ben niet stil.
3Maar U bent heilig, U die troont op de lofzangen van Israël.
4Onze vaders hebben op U vertrouwd; zij vertrouwden, en U hebt hen verlost.
5Zij riepen tot U en werden verlost; zij vertrouwden op U en werden niet beschaamd.
6Maar ik ben een worm en geen man; een smaad van mensen en veracht door het volk.