VSV
StatenvertalingPsalmen 51:2
“Was mij grondig van mijn ongerechtigheid, en reinig mij van mijn zonde.”
Kruisverwijzingen
Context
Psalmen 51 — omringende verzen
1
Wees mij genadig, o God, naar Uw goedertierenheid; delg mijn overtredingen uit naar de grootheid van Uw barmhartigheden.
2
3Was mij grondig van mijn ongerechtigheid, en reinig mij van mijn zonde.
Want ik erken mijn overtredingen, en mijn zonde is voortdurend voor mij.
4Tegen U, U alleen, heb ik gezondigd en gedaan wat kwaad is in Uw ogen; opdat U rechtvaardig zij wanneer U spreekt, en rein wanneer U oordeelt.
5Zie, ik ben in ongerechtigheid geboren, en in zonde heeft mijn moeder mij ontvangen.
6Zie, U begeert waarheid in het binnenste; en in het verborgene zult U mij wijsheid doen kennen.
7Ontzondig mij met hysop, en ik zal rein zijn; was mij, en ik zal witter zijn dan sneeuw.