Richteren 3:2
“Alleen opdat de geslachten van de kinderen Israëls het zouden kennen, om hun de oorlog te leren, tenminste hen die er tevoren niets van wisten;”
Kruisverwijzingen
Context
Richteren 3 — omringende verzen
Dit nu zijn de volken die de HEER heeft laten staan om Israël door hen te beproeven, namelijk allen in Israël die al de oorlogen van Kanaän niet hadden meegemaakt.
Alleen opdat de geslachten van de kinderen Israëls het zouden kennen, om hun de oorlog te leren, tenminste hen die er tevoren niets van wisten;
Namelijk de vijf vorsten der Filistijnen, en alle Kanaänieten, en de Sidoniërs, en de Hevieten die op de berg Libanon woonden, van de berg Baäl-Hermon tot aan de ingang van Hamath.
4En zij dienden om Israël daardoor te beproeven, om te weten of zij zouden gehoorzamen aan de geboden des HEREN, die Hij hun vaderen geboden had door de hand van Mozes.
5En de kinderen Israëls woonden onder de Kanaänieten, Hethieten, Amorieten, Ferezieten, Hevieten en Jebusieten;
6En zij namen hun dochters tot vrouwen, en gaven hun eigen dochters aan hun zonen, en dienden hun goden.
7En de kinderen Israëls deden wat kwaad was in de ogen des HEREN, en vergaten de HEER hun God, en dienden de Baäls en de gewijde palen.