Ruth 3:1
“Daarna zeide Naomi, haar schoonmoeder, tot haar: Mijn dochter, zou ik geen rust voor u zoeken, opdat het u welga?”
Kruisverwijzingen
Context
Ruth 3 — omringende verzen
Daarna zeide Naomi, haar schoonmoeder, tot haar: Mijn dochter, zou ik geen rust voor u zoeken, opdat het u welga?
En nu, is niet Boaz, bij wiens dienstmaagden gij geweest zijt, onze bloedverwant? Zie, hij wannt heden nacht gerst op de dorsvloer.
3Was u daarom, zalf u, doe uw kleed aan en ga naar beneden naar de dorsvloer; maar maak u aan de man niet bekend, totdat hij gegeten en gedronken heeft.
4En het zal geschieden, wanneer hij neerlegt, dat gij de plaats opmerkt waar hij ligt; en gij zult gaan, zijn voeten ontbloten en u neerleggen; en hij zal u zeggen wat gij doen moet.
5En zij zeide tot haar: Al wat gij mij zegt, zal ik doen.
6En zij ging naar beneden naar de dorsvloer en deed alles wat haar schoonmoeder haar geboden had.