VSV
StatenvertalingZacharia 2:1
“Ik sloeg mijn ogen wederom op en zag, en zie, een man met een meetsnoer in zijn hand.”
Kruisverwijzingen
Context
Zacharia 2 — omringende verzen
1
2Ik sloeg mijn ogen wederom op en zag, en zie, een man met een meetsnoer in zijn hand.
Toen zeide ik: Waarheen gaat u? En hij zeide tot mij: Om Jeruzalem te meten, om te zien wat de breedte en de lengte ervan is.
3En zie, de engel die met mij sprak ging uit, en een andere engel ging hem tegemoet,
4En zeide tot hem: Loop, spreek tot die jonge man en zeg: Jeruzalem zal bewoond worden als open vlekken, vanwege de menigte van mensen en vee daarin.
5Want Ik, zegt de HEER, zal haar een vurige muur rondom zijn, en Ik zal de heerlijkheid in haar midden zijn.
6Ho, ho, komt voort en vlucht uit het land van het noorden, zegt de HEER; want Ik heb u uitgespreid als de vier winden des hemels, zegt de HEER.