Zacharia 8:6
“Zo zegt de HEER der heerscharen: Indien het wonderlijk is in de ogen van het overblijfsel van dit volk in deze dagen, zou het ook wonderlijk zijn in Mijn ogen? spreekt de HEER der heerscharen.”
Kruisverwijzingen
Context
Zacharia 8 — omringende verzen
Wederom kwam het woord des HEREN der heerscharen tot mij, zeggende:
2Zo zegt de HEER der heerscharen: Ik was ijverig voor Sion met grote ijver, en Ik was ijverig voor haar met grote grimmigheid.
3Zo zegt de HEER: Ik ben teruggekeerd naar Sion en zal wonen in het midden van Jeruzalem; en Jeruzalem zal genoemd worden een stad der waarheid, en de berg des HEREN der heerscharen de heilige berg.
4Zo zegt de HEER der heerscharen: Nog zullen er oude mannen en oude vrouwen wonen in de straten van Jeruzalem, en ieder met zijn stok in zijn hand vanwege de grote ouderdom.
5En de straten der stad zullen vol zijn van jongens en meisjes, spelende in haar straten.
Zo zegt de HEER der heerscharen: Indien het wonderlijk is in de ogen van het overblijfsel van dit volk in deze dagen, zou het ook wonderlijk zijn in Mijn ogen? spreekt de HEER der heerscharen.
Zo zegt de HEER der heerscharen: Zie, Ik zal Mijn volk verlossen uit het land van het oosten en uit het land van het westen;
8En Ik zal hen brengen, en zij zullen wonen in het midden van Jeruzalem; en zij zullen Mijn volk zijn, en Ik zal hun God zijn, in waarheid en in gerechtigheid.
9Zo zegt de HEER der heerscharen: Laat uw handen sterk zijn, gij die in deze dagen deze woorden hoort uit de mond van de profeten die er waren op de dag dat het fundament van het huis des HEREN der heerscharen gelegd werd, opdat de tempel gebouwd zou worden.
10Want vóór deze dagen was er geen loon voor de mens, noch enig loon voor het vee; noch was er vrede voor hem die uitging of inkwam vanwege de benauwdheid; want Ik zette alle mensen, ieder tegen zijn naaste.
11Maar nu zal Ik voor het overblijfsel van dit volk niet zijn zoals in de vorige dagen, spreekt de HEER der heerscharen.