Psalmen 61
Hoor mijn geroep, o God, merk op mijn gebed.
Van het einde der aarde zal ik tot U roepen, wanneer mijn hart overstelpt is; leid mij op een rots die voor mij te hoog is.
Want Gij zijt mij een toevlucht geweest, een sterke toren tegen de vijand.
Ik zal in Uw tent verkeren in eeuwigheid; ik zal schuilen onder het verborgene van Uw vleugelen. Sela.
Want Gij, o God, hebt naar mijn geloften gehoord; Gij hebt mij het erfdeel gegeven van hen die Uw Naam vrezen.
Gij zult dagen toevoegen aan de dagen des konings; zijn jaren zullen zijn als vele geslachten.
Hij zal voor het aangezicht Gods blijven in eeuwigheid; beschik goedertierenheid en waarheid, opdat zij hem behoeden.
Zo zal ik Uw Naam psalmzingen in eeuwigheid, opdat ik mijn geloften dagelijks betale.
8 verzen
Statenvertaling