1 Koningen 6:1
“En het geschiedde in het vierhonderdtachtigste jaar nadat de kinderen Israëls uit het land Egypte getrokken waren, in het vierde jaar van het koningschap van Salomo over Israël, in de maand Ziv, dat is de tweede maand, dat hij begon het huis van de HEER te bouwen.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Koningen 6 — omringende verzen
En het geschiedde in het vierhonderdtachtigste jaar nadat de kinderen Israëls uit het land Egypte getrokken waren, in het vierde jaar van het koningschap van Salomo over Israël, in de maand Ziv, dat is de tweede maand, dat hij begon het huis van de HEER te bouwen.
Het huis dat koning Salomo voor de HEER bouwde, was zestig el lang, twintig el breed en dertig el hoog.
3De voorhal voor de tempel van het huis was twintig el lang, overeenkomstig de breedte van het huis, en tien el breed voor het huis uit.
4Voor het huis maakte hij vensters met smalle kozijnen.
5Tegen de muur van het huis bouwde hij rondom zijkamers, langs de muren van het huis aan alle zijden, zowel langs de tempel als langs het binnenste heiligdom; en hij maakte rondom zijkamers.
6De onderste kamer was vijf el breed, de middelste zes el breed en de derde zeven el breed; want aan de buitenzijde van de muur van het huis maakte hij rondom versmalde steunbalken, zodat de balken niet in de muren van het huis bevestigd hoefden te worden.