Terug naar 1 Korintiërs 9
VSV
Statenvertaling

1 Korintiërs 9:13

Weet gij niet dat zij die heilige diensten verrichten, leven van de dingen des tempels? En dat zij die de dienst aan het altaar waarnemen, delen in het altaar?

Kruisverwijzingen

Context

1 Korintiërs 9 — omringende verzen

8

Zeg ik deze dingen als een mens? Of zegt de wet niet hetzelfde?

9

Want er is geschreven in de wet van Mozes: Gij zult een dorsende os niet muilbanden. Bekommert God Zich om ossen?

10

Of zegt Hij het geheel en al om onzentwil? Want om onzentwil is dit ongetwijfeld geschreven: dat hij die ploegt, in hoop moet ploegen; en dat hij die dorst, in hoop moet dorsen, deelgenoot te zijn van zijn hoop.

11

Indien wij voor u geestelijke dingen gezaaid hebben, is het dan een grote zaak als wij uw stoffelijke dingen oogsten?

12

Indien anderen deel hebben aan dit recht over u, hoeveel te meer wij niet? Nochtans hebben wij dit recht niet gebruikt; maar wij verdragen alles, opdat wij het Evangelie van Christus niet zouden hinderen.

13

Weet gij niet dat zij die heilige diensten verrichten, leven van de dingen des tempels? En dat zij die de dienst aan het altaar waarnemen, delen in het altaar?

14

Alzo heeft ook de Heer verordend, dat zij die het Evangelie verkondigen, van het Evangelie zullen leven.

15

Maar ik heb van geen van deze dingen gebruik gemaakt; en ik schrijf dit ook niet opdat het aldus met mij gedaan zou worden; want het ware mij beter te sterven, dan dat iemand mijn roem ijdel zou maken.

16

Want ofschoon ik het Evangelie verkondig, heb ik geen stof tot roem; want de noodzaak is mij opgelegd; ja, wee mij, indien ik het Evangelie niet verkondig!

17

Want indien ik dit gewillig doe, heb ik een loon; maar indien onwillig, is mij een rentmeesterschap over het Evangelie toevertrouwd.

18

Wat is dan mijn loon? Voorwaar, dat ik, wanneer ik het Evangelie verkondig, het Evangelie van Christus om niet aanbied, zodat ik mijn recht in het Evangelie niet misbruik.