1 Kronieken 3:5
“En dezen werden hem te Jeruzalem geboren: Simea, en Sobab, en Nathan, en Salomo, vier, van Bathsua, de dochter van Ammiël;”
Kruisverwijzingen
Context
1 Kronieken 3 — omringende verzen
Nu waren dit de zonen van David, die hem te Hebron geboren werden: de eerstgeborene Amnon, van Ahinoam, de Jizreëlitische; de tweede Daniël, van Abigaïl, de Karmelitische;
2De derde, Absalom, de zoon van Maächa, de dochter van Talmai, de koning van Gesur; de vierde, Adonia, de zoon van Haggith;
3De vijfde, Sefatja, van Abital; de zesde, Jithream, van Egla, zijn vrouw.
4Deze zes werden hem te Hebron geboren; en daar regeerde hij zeven jaar en zes maanden; en te Jeruzalem regeerde hij drieëndertig jaar.
En dezen werden hem te Jeruzalem geboren: Simea, en Sobab, en Nathan, en Salomo, vier, van Bathsua, de dochter van Ammiël;
Ook Jibhar, en Elisama, en Elifelet,
7En Noga, en Nefeg, en Jafia,
8En Elisama, en Eljada, en Elifelet, negen.
9Dit waren allen de zonen van David, behalve de zonen der bijvrouwen, en Tamar, hun zuster.
10En de zoon van Salomo was Rehabeam, Abia zijn zoon, Asa zijn zoon, Josafat zijn zoon,