VSV
Statenvertaling1 Kronieken 4:1
“De zonen van Juda: Perez, Hezron, en Karmi, en Hur, en Sobal.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Kronieken 4 — omringende verzen
1
2De zonen van Juda: Perez, Hezron, en Karmi, en Hur, en Sobal.
En Reaja, de zoon van Sobal, verwekte Jahat; en Jahat verwekte Ahumai en Lahad. Dit zijn de geslachten van de Zorattieten.
3En dezen behoorden tot de vader van Etam: Jizreël, en Isma, en Idbas; en de naam van hun zuster was Hazeëlponi;
4En Penuël, de vader van Gedor, en Ezer, de vader van Husa. Dit zijn de zonen van Hur, de eerstgeborene van Efrata, de vader van Bethlehem.
5En Assur, de vader van Tekoa, had twee vrouwen: Hela en Naara.
6En Naara baarde hem Ahuzzam, en Hefer, en Temeni, en Ha-ahastari. Dit waren de zonen van Naara.