1 Kronieken 6:66
“En de overige geslachten van de zonen van Kahath hadden steden van hun gebied uit de stam Efraïm.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Kronieken 6 — omringende verzen
En aan de overige zonen van Kahath werden uit de halve stam Manasse bij het lot tien steden gegeven.
62En aan de zonen van Gersom werden door hun geslachten gegeven uit de stam Issachar, en uit de stam Aser, en uit de stam Naftali, en uit de stam Manasse in Basan, dertien steden.
63Aan de zonen van Merari werden bij het lot gegeven, door hun geslachten, uit de stam Ruben, en uit de stam Gad, en uit de stam Zebulon, twaalf steden.
64En de kinderen Israëls gaven aan de Levieten deze steden met haar weiden.
65En zij gaven bij het lot uit de stam der kinderen van Juda, en uit de stam der kinderen van Simeon, en uit de stam der kinderen van Benjamin, deze steden, die bij name worden genoemd.
En de overige geslachten van de zonen van Kahath hadden steden van hun gebied uit de stam Efraïm.
En zij gaven hun van de vrijsteden Sichem op het gebergte Efraïm met haar weiden; ook gaven zij Gezer met haar weiden,
68En Jokmeam met haar weiden, en Beth-Horon met haar weiden,
69En Aijalon met haar weiden, en Gath-Rimmon met haar weiden;
70En uit de halve stam Manasse: Aner met haar weiden, en Bileam met haar weiden, voor het geslacht van de overige zonen van Kahath.
71Aan de zonen van Gersom werden gegeven uit het geslacht van de halve stam Manasse, Golan in Basan met haar weiden, en Astaroth met haar weiden;