1 Kronieken 6:61
“En aan de overige zonen van Kahath werden uit de halve stam Manasse bij het lot tien steden gegeven.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Kronieken 6 — omringende verzen
Maar de akkers van de stad en de dorpen daarvan gaven zij aan Kaleb, de zoon van Jefunne.
57En aan de zonen van Aäron gaven zij de steden van Juda, namelijk Hebron, de vrijstad, en Libna met haar weiden, en Jattir, en Estemoa met hun weiden,
58En Hilen met haar weiden, Debir met haar weiden,
59En Asan met haar weiden, en Beth-Semes met haar weiden;
60En uit de stam Benjamin: Geba met haar weiden, en Alemet met haar weiden, en Anathoth met haar weiden. Al hun steden door hun geslachten waren dertien steden.
En aan de overige zonen van Kahath werden uit de halve stam Manasse bij het lot tien steden gegeven.
En aan de zonen van Gersom werden door hun geslachten gegeven uit de stam Issachar, en uit de stam Aser, en uit de stam Naftali, en uit de stam Manasse in Basan, dertien steden.
63Aan de zonen van Merari werden bij het lot gegeven, door hun geslachten, uit de stam Ruben, en uit de stam Gad, en uit de stam Zebulon, twaalf steden.
64En de kinderen Israëls gaven aan de Levieten deze steden met haar weiden.
65En zij gaven bij het lot uit de stam der kinderen van Juda, en uit de stam der kinderen van Simeon, en uit de stam der kinderen van Benjamin, deze steden, die bij name worden genoemd.
66En de overige geslachten van de zonen van Kahath hadden steden van hun gebied uit de stam Efraïm.