1 Kronieken 6:56
“Maar de akkers van de stad en de dorpen daarvan gaven zij aan Kaleb, de zoon van Jefunne.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Kronieken 6 — omringende verzen
Bukki zijn zoon, Uzzi zijn zoon, Zerahja zijn zoon,
52Merajoth zijn zoon, Amarja zijn zoon, Ahitub zijn zoon,
53Zadok zijn zoon, Ahimaäz zijn zoon.
54Dit nu zijn hun woonplaatsen in hun vestingen binnen hun grenzen, van de zonen van Aäron, van de geslachten der Kahathieten, want hun was het lot.
55En zij gaven hun Hebron in het land Juda, met de weiden daaromheen.
Maar de akkers van de stad en de dorpen daarvan gaven zij aan Kaleb, de zoon van Jefunne.
En aan de zonen van Aäron gaven zij de steden van Juda, namelijk Hebron, de vrijstad, en Libna met haar weiden, en Jattir, en Estemoa met hun weiden,
58En Hilen met haar weiden, Debir met haar weiden,
59En Asan met haar weiden, en Beth-Semes met haar weiden;
60En uit de stam Benjamin: Geba met haar weiden, en Alemet met haar weiden, en Anathoth met haar weiden. Al hun steden door hun geslachten waren dertien steden.
61En aan de overige zonen van Kahath werden uit de halve stam Manasse bij het lot tien steden gegeven.