1 Kronieken 8:38
“En Azel had zes zonen, en dit zijn hun namen: Azrikam, Bocheru, Ismaël, Searjahu, Obadja en Hanan. Dit alles waren de zonen van Azel.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Kronieken 8 — omringende verzen
En Ner verwekte Kis, en Kis verwekte Saul, en Saul verwekte Jonathan, en Malchisua, en Abinadab, en Esbaäl.
34En de zoon van Jonathan was Merib-Baäl; en Merib-Baäl verwekte Micha.
35En de zonen van Micha waren: Pithon, en Melech, en Tarea, en Ahaz.
36En Ahaz verwekte Jehoada; en Jehoada verwekte Alemet, en Azmaveth, en Zimri; en Zimri verwekte Moza,
37En Moza verwekte Binea; Rafa was zijn zoon, Elasa zijn zoon, Azel zijn zoon.
En Azel had zes zonen, en dit zijn hun namen: Azrikam, Bocheru, Ismaël, Searjahu, Obadja en Hanan. Dit alles waren de zonen van Azel.
En de zonen van Esek, zijn broeder, waren: Ulam, zijn eerstgeborene, Jehus de tweede, en Elifelet de derde.
40En de zonen van Ulam waren dappere, krachtige mannen, boogschutters, en zij hadden vele zonen en kleinzonen, honderd en vijftig. Dit alles waren de zonen van Benjamin.