1 Samuël 24:2
“Toen nam Saul drieduizend uitgelezen mannen uit geheel Israël, en ging heen om David en zijn mannen te zoeken op de rotsen der steenbokken.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Samuël 24 — omringende verzen
En het geschiedde, toen Saul teruggekeerd was van de achtervolging der Filistijnen, dat men hem boodschapte en zei: Zie, David is in de woestijn van Engedi.
Toen nam Saul drieduizend uitgelezen mannen uit geheel Israël, en ging heen om David en zijn mannen te zoeken op de rotsen der steenbokken.
En hij kwam bij de schaapskooien langs de weg, waar een grot was; en Saul ging daarin om zijn voeten te bedekken; en David en zijn mannen zaten achteraan in de grot.
4En de mannen van David zeiden tot hem: Zie, dit is de dag waarvan de HEER u heeft gezegd: Zie, Ik geef uw vijand in uw hand, zodat u met hem kunt doen wat goed is in uw ogen. Toen stond David op en sneed heimelijk de slip van Sauls mantel af.
5En het geschiedde daarna, dat het hart van David hem sloeg, omdat hij de slip van Saul had afgesneden.
6En hij zei tot zijn mannen: De HEER verhoede het, dat ik dit aan mijn heer zou doen, aan de gezalfde van de HEER, om mijn hand tegen hem uit te strekken, want hij is de gezalfde van de HEER.
7Zo weerhield David zijn dienaren met deze woorden, en liet hen niet opstaan tegen Saul. En Saul stond op uit de grot en ging zijn weg.