1 Tessalonicenzen 2:1
“Want u zelf weet, broeders, van onze intocht bij u, dat die niet tevergeefs geweest is,”
Kruisverwijzingen
Context
1 Tessalonicenzen 2 — omringende verzen
Want u zelf weet, broeders, van onze intocht bij u, dat die niet tevergeefs geweest is,
Maar nadat wij tevoren geleden hadden en smadelijk behandeld waren, zoals u weet, te Filippi, waren wij vrijmoedig in onze God om tot u te spreken het evangelie van God, met veel strijd.
3Want onze vermaning was niet uit bedrog, noch uit onreinheid, noch met list,
4Maar zoals wij door God beproefd zijn om met het evangelie toevertrouwd te worden, zo spreken wij, niet als mensen behagende, maar God, Die onze harten beproeft.
5Want wij hebben te geen tijd vleierige woorden gebruikt, gelijk u weet, noch een dekmantel van hebzucht; God is getuige,
6Noch hebben wij eer gezocht van mensen, noch van u, noch van anderen, hoewel wij als apostelen van Christus tot last hadden kunnen zijn.