1 Timotheüs 3:9
“De verborgenheid van het geloof bewarende in een rein geweten.”
Kruisverwijzingen
Context
1 Timotheüs 3 — omringende verzen
Iemand die zijn eigen huis goed bestuurt, zijn kinderen in onderdanigheid houdende met alle waardigheid;
5Want als iemand zijn eigen huis niet weet te besturen, hoe zal hij dan voor de gemeente van God zorgen?
6Geen nieuweling, opdat hij niet, door hoogmoed verblind, in het oordeel des duivels valle.
7Bovendien moet hij een goed getuigenis hebben van hen die buiten zijn, opdat hij niet in opspraak kome en in de strik des duivels valle.
8De diakenen moeten evenzo waardig zijn, niet dubbeltonging, niet verslaafd aan veel wijn, niet op schandelijke winst belust;
De verborgenheid van het geloof bewarende in een rein geweten.
En ook dezen moeten eerst beproefd worden; daarna mogen zij het diakenambt vervullen, als zij onberispelijk bevonden zijn.
11Hun vrouwen moeten evenzo waardig zijn, geen lasteraarsters, nuchter, in alles getrouw.
12De diakenen moeten mannen van één vrouw zijn, die hun kinderen en hun eigen huizen goed besturen.
13Want die het diakenambt goed vervuld hebben, verwerven voor zichzelf een goede rang en grote vrijmoedigheid in het geloof dat in Christus Jezus is.
14Deze dingen schrijf ik u, hopende spoedig tot u te komen;