2 Korintiërs 7:2
“Vat ons; wij hebben niemand verongelijkt, wij hebben niemand verdorven, wij hebben niemand benadeeld.”
Kruisverwijzingen
Context
2 Korintiërs 7 — omringende verzen
Dewijl wij dan deze beloften hebben, geliefden, laat ons onszelf reinigen van alle besmetting des vleses en des geestes, voleindigende de heiligmaking in de vreze Gods.
Vat ons; wij hebben niemand verongelijkt, wij hebben niemand verdorven, wij hebben niemand benadeeld.
Ik zeg dit niet om u te veroordelen; want ik heb tevoren gezegd dat gij in onze harten zijt om samen te sterven en samen te leven.
4Groot is mijn vrijmoedigheid jegens u, groot is mijn roem over u; ik ben vervuld met vertroosting, ik ben bovenmate blijde in al onze verdrukking.
5Want toen wij in Macedonië gekomen waren, had ons vlees geen rust, maar wij werden van alle kanten beproefd; van buiten waren er conflicten, van binnen waren er angsten.
6Maar God, die de nedergeslagenen vertroost, heeft ons vertroost door de komst van Titus;
7En niet alleen door zijn komst, maar ook door de vertroosting waarmee hij door u vertroost was, toen hij ons vertelde van uw vurig verlangen, uw droefheid, uw ijver voor mij; zodat ik mij des te meer verblijdde.