2 Samuël 22:14
“De HEER donderde uit de hemel, en de Allerhoogste verhief Zijn stem.”
Kruisverwijzingen
Context
2 Samuël 22 — omringende verzen
Er steeg rook op uit Zijn neusgaten, en vuur uit Zijn mond verteerde; kolen werden daardoor ontstoken.
10Hij boog de hemelen en daalde neer; en duisternis was onder Zijn voeten.
11En Hij reed op een cherub en vloog; en Hij werd gezien op de vleugelen des winds.
12En Hij maakte duisternis tot een tent rondom Zich, donkere wateren en dikke wolken des hemels.
13Door de glans die voor Hem was, werden vurige kolen ontstoken.
De HEER donderde uit de hemel, en de Allerhoogste verhief Zijn stem.
En Hij zond pijlen en verstrooide hen; bliksem en versloeg hen.
16En de beddingen der zee verschenen, de grondslagen der wereld werden ontbloot, door de bestraffing van de HEER, door het blazen van de adem Zijner neusgaten.
17Hij stak de hand uit van omhoog, Hij greep mij; Hij trok mij uit grote wateren.
18Hij verloste mij van mijn sterke vijand, en van hen die mij haatten; want zij waren machtiger dan ik.
19Zij kwamen mij te gemoet in de dag van mijn rampspoed; maar de HEER was mijn steun.