VSV
Statenvertaling2 Samuël 23:31
“Abiälbon de Arbatiet, Azmaveth de Barhumiet,”
Kruisverwijzingen
Context
2 Samuël 23 — omringende verzen
26
Helez, de Paltiet; Ira, de zoon van Ikkes, de Thekoïet;
27Abiëzer, de Anathothiet; Mebunnai, de Husathiet;
28Zalmon, de Ahohiet; Maharai, de Netofathiet;
29Heleb, de zoon van Baäna, de Netofathiet; Ittai, de zoon van Ribai uit Gibea van de kinderen van Benjamin;
30Benaja de Pirathoniet, Hiddaï van de beken van Gaas,
31
32Abiälbon de Arbatiet, Azmaveth de Barhumiet,
Eljahba de Shaälboniet, uit de zonen van Jashen, Jonathan,
33Samma de Harariet, Ahiam de zoon van Sharar de Harariet,
34Elifelet de zoon van Ahasbai, de zoon van de Maächathiet, Eliäm de zoon van Achitofel de Giloniet,
35Hezraï de Karmeliet, Paaraï de Arbiet,
36Jigal de zoon van Nathan uit Zoba, Bani de Gadiet,