2 Timotheüs 2:19
“Evenwel staat het fundament van God vast, hebbende dit zegel: De Heer kent degenen die de Zijnen zijn. En: Laat een ieder die de naam van Christus noemt, afwijken van ongerechtigheid.”
Kruisverwijzingen
Context
2 Timotheüs 2 — omringende verzen
Breng hen dit in herinnering, en betuig ernstig voor de Heer dat zij niet twisten over woorden, hetgeen tot niets nuttig is, maar tot verderf van de hoorders.
15Beijver u om uzelf beproefd voor God te stellen, een arbeider die zich niet hoeft te schamen, die het Woord der waarheid recht snijdt.
16Maar ontheiligde, ijdele klanken moet u vermijden; want zij zullen toenemen tot grotere goddeloosheid.
17En hun woord zal voortwoekeren als een kanker; onder wie Hymeneus en Filetus zijn;
18Die aangaande de waarheid zijn afgeweken, zeggende dat de opstanding reeds heeft plaatsgevonden, en die het geloof van sommigen omverwerpen.
Evenwel staat het fundament van God vast, hebbende dit zegel: De Heer kent degenen die de Zijnen zijn. En: Laat een ieder die de naam van Christus noemt, afwijken van ongerechtigheid.
Maar in een groot huis zijn niet alleen gouden en zilveren vaten, maar ook houten en aarden; en sommige tot eer, en sommige tot oneer.
21Indien iemand zich dan van deze reinigt, zal hij een vat zijn tot eer, geheiligd en bruikbaar voor de Meester, en bereid tot alle goed werk.
22Vlied ook de begeerten der jeugd; maar jaag naar gerechtigheid, geloof, liefde en vrede, met hen die de Heer aanroepen uit een rein hart.
23Maar dwaze en onverstandige vragen moet u vermijden, wetende dat zij twisten voortbrengen.
24En een dienstknecht des Heren moet niet twisten, maar vriendelijk zijn jegens allen, bekwaam om te leren, geduldig,