Daniël 2:18
“Opdat zij barmhartigheden zouden vragen van de God des hemels aangaande dit geheim, zodat Daniël en zijn makkers niet zouden omkomen met de rest van de wijzen van Babel.”
Kruisverwijzingen
Context
Daniël 2 — omringende verzen
En het bevel ging uit dat de wijzen gedood zouden worden; en men zocht ook naar Daniël en zijn makkers om hen te doden.
14Toen antwoordde Daniël met beraad en wijsheid aan Arioch, de bevelhebber van de koninklijke lijfwacht, die uitgetrokken was om de wijzen van Babel te doden.
15Hij antwoordde en zeide tot Arioch, de bevelhebber van de koning: Waarom is het bevel van de koning zo overhaast? Toen maakte Arioch de zaak aan Daniël bekend.
16Vervolgens ging Daniël naar binnen en verzocht de koning hem tijd te geven, zodat hij de uitleg aan de koning zou kunnen bekendmaken.
17Daarna ging Daniël naar zijn huis en maakte de zaak bekend aan Hananja, Misaël en Azarja, zijn metgezellen,
Opdat zij barmhartigheden zouden vragen van de God des hemels aangaande dit geheim, zodat Daniël en zijn makkers niet zouden omkomen met de rest van de wijzen van Babel.
Toen werd het geheim aan Daniël geopenbaard in een nachtelijk visioen. Daarna loofde Daniël de God des hemels.
20Daniël antwoordde en zeide: De naam van God zij geloofd tot in eeuwigheid; want Hem behoort de wijsheid en de kracht.
21Hij verandert tijden en seizoenen; Hij zet koningen af en stelt koningen aan; Hij geeft wijsheid aan de wijzen en kennis aan hen die verstand hebben.
22Hij openbaart diepe en verborgen dingen; Hij weet wat in de duisternis is, en het licht woont bij Hem.
23Ik dank U en prijs U, o God van mijn vaderen, die mij wijsheid en kracht hebt gegeven, en mij thans bekendgemaakt hebt wat wij van U verlangden; want U hebt ons de zaak van de koning bekendgemaakt.