Terug naar Daniël 7
VSV
Statenvertaling

Daniël 7:3

En vier grote dieren kwamen op uit de zee, het ene van het andere verscheiden.

Kruisverwijzingen

Context

Daniël 7 — omringende verzen

1

In het eerste jaar van Belsazar, de koning van Babel, had Daniël een droom en gezichten van zijn hoofd op zijn bed; toen schreef hij de droom op en verhaalde de hoofdinhoud der zaken.

2

Daniël sprak en zei: Ik zag in mijn nachtgezicht, en zie, de vier winden des hemels beroerden de grote zee.

3

En vier grote dieren kwamen op uit de zee, het ene van het andere verscheiden.

4

Het eerste was als een leeuw en had adelaarsvleugels; ik bleef toekijken totdat zijn vleugels uitgerukt werden, en het werd van de aarde opgeheven en op de voeten gesteld als een mens, en een mensenhart werd hem gegeven.

5

En zie, een ander dier, het tweede, leek op een beer, en het verhief zich op één zijde, en het had drie ribben in zijn muil tussen zijn tanden; en men zei aldus tot hem: Sta op, verslind veel vlees.

6

Daarna zag ik, en zie, een ander dier, als een luipaard, dat op zijn rug vier vleugels van een vogel had; het dier had ook vier hoofden, en heerschappij werd het gegeven.

7

Daarna zag ik in de nachtgezichten, en zie, een vierde dier, verschrikkelijk en vreeselijk en buitengewoon sterk; en het had grote ijzeren tanden; het verslond en verbrak, en het vertrapt de rest met zijn voeten; en het was verscheiden van alle dieren die er voor hem geweest waren, en het had tien horens.

8

Ik beschouwde de horens, en zie, er kwam een andere kleine horen op tussen hen, voor welke drie van de eerste horens met wortel en al uitgerukt werden; en zie, in deze horen waren ogen als mensenogen, en een mond die grote dingen sprak.