Terug naar Deuteronomium 20
VSV
Statenvertaling

Deuteronomium 20:12

Maar als zij geen vrede met u sluit, maar oorlog tegen u voert, dan zult u haar belegeren.

Kruisverwijzingen

Context

Deuteronomium 20 — omringende verzen

7

En welke man is er die een vrouw heeft verloofd en haar nog niet heeft gehuwd? Laat hem gaan en naar zijn huis terugkeren, opdat hij niet sterft in de strijd en een ander man haar neemt.

8

En de hoofdmannen zullen verder tot het volk spreken en zeggen: Welke man is er die bevreesd en kleinmoedig is? Laat hem gaan en naar zijn huis terugkeren, opdat het hart van zijn broeders niet versmoelt zoals zijn hart.

9

En het zal geschieden, wanneer de hoofdmannen geëindigd hebben tot het volk te spreken, dat zij legeraanvoerders over het volk zullen aanstellen.

10

Wanneer u een stad nadert om daartegen te strijden, roep haar dan eerst vrede toe.

11

En het zal geschieden, als zij u met vrede antwoordt en haar poorten voor u opent, dat al het volk dat daarin gevonden wordt, u schatplichtig zal zijn en u zal dienen.

12

Maar als zij geen vrede met u sluit, maar oorlog tegen u voert, dan zult u haar belegeren.

13

En wanneer de HEER uw God haar in uw handen geeft, zult u alle mannen daarin met de scherpte van het zwaard slaan.

14

Maar de vrouwen, de kleinen, het vee en alles wat in de stad is, ja, al haar buit, zult u voor uzelf nemen; en u zult de buit van uw vijanden eten, die de HEER uw God u gegeven heeft.

15

Zo zult u doen met al de steden die zeer ver van u verwijderd zijn, die niet behoren tot de steden van deze volken.

16

Maar van de steden van deze volken, die de HEER uw God u als erfenis geeft, zult u niets dat adem heeft in leven laten.

17

Maar u zult hen geheel en al met de ban slaan: de Hethieten, de Amorieten, de Kanaänieten, de Ferezieten, de Hevieten en de Jebusieten, zoals de HEER uw God u geboden heeft.