Terug naar Deuteronomium 27
VSV
Statenvertaling

Deuteronomium 27:7

En gij zult vredeoffers offeren en daar eten en u verheugen voor de HEER uw God.

Kruisverwijzingen

Context

Deuteronomium 27 — omringende verzen

2

En het zal geschieden op de dag dat gij over de Jordaan zult trekken naar het land dat de HEER uw God u geeft, dat gij grote stenen zult oprichten en ze met kalk bestrijken.

3

En gij zult daarop al de woorden van deze wet schrijven, als gij overgetrokken bent, opdat gij ingaat in het land dat de HEER uw God u geeft, een land dat vloeit van melk en honing; zoals de HEER, de God van uw vaderen, u beloofd heeft.

4

Daarom zal het geschieden, als gij over de Jordaan gegaan zijt, dat gij deze stenen, die ik u heden gebied, zult oprichten op de berg Ebal, en gij zult ze met kalk bestrijken.

5

En aldaar zult gij voor de HEER uw God een altaar bouwen, een altaar van stenen; gij zult geen ijzeren gereedschap daartegen opheffen.

6

Gij zult het altaar van de HEER uw God bouwen van gehele stenen; en gij zult daarop brandoffers brengen aan de HEER uw God.

7

En gij zult vredeoffers offeren en daar eten en u verheugen voor de HEER uw God.

8

En gij zult op de stenen al de woorden van deze wet schrijven, duidelijk en klaar.

9

En Mozes en de priesters, de Levieten, spraken tot heel Israël, zeggende: Zwijg en hoor, o Israël; op deze dag zijt gij het volk van de HEER uw God geworden.

10

Gij zult dan de stem van de HEER uw God gehoorzamen en Zijn geboden en Zijn inzettingen doen, die ik u heden gebied.

11

En Mozes gebood het volk op diezelfde dag, zeggende:

12

Dezen zullen staan op de berg Gerizim om het volk te zegenen, als gij over de Jordaan getrokken zijt: Simeon en Levi en Juda en Issaschar en Jozef en Benjamin.