Efeziërs 2:3
“Onder wie ook wij allen eertijds verkeerd hebben in de begeerlijkheden van ons vlees, doende de wil van het vlees en van de gedachten; en wij waren van nature kinderen des toorns, evenals de anderen.”
Kruisverwijzingen
Context
Efeziërs 2 — omringende verzen
En u heeft Hij levend gemaakt, die dood waart in overtredingen en zonden;
2Waarin gij eertijds gewandeld hebt naar de loop van deze wereld, naar de overste van de macht der lucht, de geest die nu werkzaam is in de kinderen der ongehoorzaamheid:
Onder wie ook wij allen eertijds verkeerd hebben in de begeerlijkheden van ons vlees, doende de wil van het vlees en van de gedachten; en wij waren van nature kinderen des toorns, evenals de anderen.
Maar God, Die rijk is in barmhartigheid, heeft ons om Zijn grote liefde waarmede Hij ons liefgehad heeft,
5Ook toen wij dood waren in de zonden, levend gemaakt met Christus; (door genade zijt gij zalig geworden;)
6En heeft ons mede opgewekt en heeft ons mede doen zitten in de hemelse gewesten in Christus Jezus:
7Opdat Hij in de toekomende eeuwen zou tonen de uitnemende rijkdom van Zijn genade, door Zijn goedertierenheid over ons in Christus Jezus.
8Want door genade zijt gij zalig geworden door het geloof; en dat niet uit uzelf: het is de gave van God: