Exodus 34:3
“En niemand zal met u opgaan, noch zal enig mens gezien worden op de gehele berg; ook zullen de kudden en de runderen niet weiden voor die berg.”
Kruisverwijzingen
Context
Exodus 34 — omringende verzen
En de HEER zei tot Mozes: Houw u twee stenen tafelen uit, gelijk de eerste; en Ik zal op deze tafelen de woorden schrijven die op de eerste tafelen stonden, welke gij gebroken hebt.
2En wees gereed in de morgen, en kom in de morgen op naar de berg Sinaï, en stel u daar voor Mij op de top van de berg.
En niemand zal met u opgaan, noch zal enig mens gezien worden op de gehele berg; ook zullen de kudden en de runderen niet weiden voor die berg.
En hij hieuw twee stenen tafelen uit, gelijk de eerste; en Mozes stond vroeg op in de morgen en ging op naar de berg Sinaï, zoals de HEER hem geboden had, en nam in zijn hand de twee stenen tafelen.
5En de HEER daalde neder in de wolk, en stond aldaar bij hem, en riep de naam van de HEER uit.
6En de HEER ging aan hem voorbij en riep: De HEER, de HEER God, barmhartig en genadig, lankmoedig en overvloedig in goedheid en waarheid,
7Die goedertierenheid bewaart voor duizenden, die ongerechtigheid en overtreding en zonde vergeeft, maar Die de schuldige geenszins onschuldig houdt; Die de ongerechtigheid der vaderen bezoekt aan de kinderen en aan de kindskinderen, tot het derde en vierde geslacht.
8En Mozes haastte zich en boog zijn hoofd ter aarde, en aanbad.