VSV
StatenvertalingEzra 2:11
“De kinderen van Bebai, zeshonderd drie en twintig.”
Kruisverwijzingen
Context
Ezra 2 — omringende verzen
6
De kinderen van Pahat-Moab, van de kinderen van Jesua en Joab, tweeduizend achthonderd en twaalf.
7De kinderen van Elam, duizend tweehonderd vier en vijftig.
8De kinderen van Zattu, negenhonderd vijf en veertig.
9De kinderen van Zakkái, zevenhonderd en zestig.
10De kinderen van Bani, zeshonderd twee en veertig.
11
12De kinderen van Bebai, zeshonderd drie en twintig.
De kinderen van Azgad, duizend tweehonderd twee en twintig.
13De kinderen van Adonikam, zeshonderd zes en zestig.
14De kinderen van Bigvai, tweeduizend zes en vijftig.
15De kinderen van Adin, vierhonderd vier en vijftig.
16De kinderen van Ater van Hezekia, acht en negentig.