Galaten 1:16
“Zijn Zoon in mij te openbaren, opdat ik Hem onder de heidenen zou verkondigen; ben ik terstond niet te rade gegaan met vlees en bloed;”
Kruisverwijzingen
Context
Galaten 1 — omringende verzen
Maar ik maak u bekend, broeders, dat het evangelie dat door mij verkondigd is, niet naar de mens is.
12Want ik heb het niet van een mens ontvangen, noch ben ik het geleerd, maar door een openbaring van Jezus Christus.
13Want u hebt gehoord van mijn vroegere levenswandel in het Jodendom, hoe ik de gemeente van God buiten alle maat vervolgde en haar trachtte te verwoesten;
14En in het Jodendom velen van mijn gelijken onder mijn volksgenoten overtrof, omdat ik ver meer ijveraar was voor de overleveringen van mijn vaderen.
15Maar toen het God behaagde, die mij van de schoot van mijn moeder af heeft afgezonderd en geroepen heeft door Zijn genade,
Zijn Zoon in mij te openbaren, opdat ik Hem onder de heidenen zou verkondigen; ben ik terstond niet te rade gegaan met vlees en bloed;
Noch ben ik opgegaan naar Jeruzalem tot hen die vóór mij apostelen waren; maar ik ging naar Arabië en keerde opnieuw terug naar Damascus.
18Daarna ben ik, drie jaar later, opgegaan naar Jeruzalem om Petrus te bezoeken, en ik ben vijftien dagen bij hem gebleven.
19Maar een andere van de apostelen heb ik niet gezien, dan alleen Jakobus, de broeder des Heren.
20Wat nu de dingen betreft die ik u schrijf, zie, voor God, ik lieg niet.
21Daarna ben ik gekomen in de streken van Syrië en Cilicië;