Galaten 1:20
“Wat nu de dingen betreft die ik u schrijf, zie, voor God, ik lieg niet.”
Kruisverwijzingen
Context
Galaten 1 — omringende verzen
Maar toen het God behaagde, die mij van de schoot van mijn moeder af heeft afgezonderd en geroepen heeft door Zijn genade,
16Zijn Zoon in mij te openbaren, opdat ik Hem onder de heidenen zou verkondigen; ben ik terstond niet te rade gegaan met vlees en bloed;
17Noch ben ik opgegaan naar Jeruzalem tot hen die vóór mij apostelen waren; maar ik ging naar Arabië en keerde opnieuw terug naar Damascus.
18Daarna ben ik, drie jaar later, opgegaan naar Jeruzalem om Petrus te bezoeken, en ik ben vijftien dagen bij hem gebleven.
19Maar een andere van de apostelen heb ik niet gezien, dan alleen Jakobus, de broeder des Heren.
Wat nu de dingen betreft die ik u schrijf, zie, voor God, ik lieg niet.
Daarna ben ik gekomen in de streken van Syrië en Cilicië;
22En ik was van aangezicht onbekend aan de gemeenten van Judea die in Christus zijn;
23Maar zij hadden alleen gehoord: Hij die ons vroeger vervolgde, verkondigt nu het geloof dat hij eertijds verwoestte.
24En zij verheerlijkten God in mij.