VSV
StatenvertalingGalaten 4:1
“En dit zeg ik: zolang de erfgenaam een kind is, verschilt hij in niets van een slaaf, hoewel hij heer van alles is;”
Kruisverwijzingen
Context
Galaten 4 — omringende verzen
1
2En dit zeg ik: zolang de erfgenaam een kind is, verschilt hij in niets van een slaaf, hoewel hij heer van alles is;
maar hij staat onder voogden en beheerders, tot de tijd die de vader bepaald heeft.
3Zo ook wij: toen wij kinderen waren, waren wij in slavernij onder de grondbeginselen van de wereld.
4Maar toen de volheid van de tijd gekomen was, zond God Zijn Zoon uit, geboren uit een vrouw, geboren onder de wet,
5om hen te verlossen die onder de wet waren, opdat wij de aanneming tot kinderen zouden ontvangen.
6En omdat gij kinderen zijt, heeft God de Geest van Zijn Zoon uitgezonden in uw harten, die roept: Abba, Vader.